the ledge files
the ledge - nl - uk
nieuw
zoeken
gesprekken
boeken
De rusteloze supermarkt

Ivan Vladislavic
Contact, 2005
vertaling: Richard Kruis

oorspronkelijk verschenen als:
The Restless Supermarket
uitgeverij: Querido, Amsterdam



verwijzing vanuit:
Triomf
Marlene van Niekerk


Andere boekfragmenten:
boekfragment:
De nacht in
Olaf Olafsson

boekfragment:
Vita
Melania Mazzucco

boekfragment:
Kampvuur
Julia Franck

boekfragment:
Klein verhaal van een grote gekte
Rob Kappen

boekfragment:
Onder de vulkaan
Malcolm Lowry

boekfragment:
Callahan en andere gedaanten
Onno Kosters

boekfragment:
Lezen &cetera - gids voor de wereldliteratuur
Pieter Steinz

boekfragment:
Bankvlees
Jan van Loy

boekfragment:
Onder het vee
Rutger Kopland

boekfragment:
Een man in de tuin
Rutger Kopland

boekfragment:
De Amerikaan die ik nooit geweest ben
Chris Keulemans

boekfragment:
De vernuftige edelman Don Quichot van La Mancha
Miguel de Cervantes Saavedra

boekfragment:
Terug naar huis
Natasha Radojcic

boekfragment:
Dansen met de kippen
Jim Heynen

boekfragment:
Rondo veneziano
Gerrit Krol

boekfragment:
De rokken van Joy Scheepmaker
Gerrit Krol

boekfragment:
De egyptoloog
Arthur Phillips

boekfragment:
Praag
Arthur Phillips

boekfragment:
Verkleed als mens
Wouter van Oorschot

boekfragment:
De bekende wereld
Edward P. Jones

boekfragment:
Zorro: op weg naar zijn lotsbestemming
Isabel Allende

boekfragment:
De laatste raamgiraf
Péter Zilahy

boekfragment:
De hut van oom Tom
Harriet Beecher Stowe

boekfragment:
Ragtime
E.L. Doctorow

boekfragment:
Langzaam lopen is al verdacht
Arjan Peters

boekfragment:
Het Vijftig Jaars Zwaard
Mark Z. Danielewski

boekfragment:
Purgatorio
John Haskell

boekfragment:
De rusteloze supermarkt
Ivan Vladislavic

boekfragment:
Zuidwester meningen
D. Hooijer

boekfragment:
Afgunst
Kathryn Harrison

boekfragment:
Watt
Samuel Beckett

boekfragment:
Sonny Boy
Annejet van der Zijl

boekfragment:
Bittere vruchten
Achmat Dangor

boekfragment:
Kreutzersonate
Leo N. Tolstoy

boekfragment:
Reis naar het einde van de nacht
Louis-Ferdinand Céline

boekfragment:
Vreemd
Bob Rigter

boekfragment:
Gloed
Sándor Márai

boekfragment:
Handboek voor de levenskunst
Wilhelm Schmid

boekfragment:
Boetekleed
Ian McEwan

boekfragment:
In Babylon
Marcel Möring

boekfragment:
Lezen op locatie
Pieter Steinz

boekfragment:
Het web van de wereldliteratuur
Pieter Steinz

boekfragment:
Zwarte Mamba
Nadifa Mohamed

boekfragment:
Eekhrn zkt eekhrn
David Sedaris



the ledge - flash versie*

*
Nederlands

DE RUSTELOZE SUPERMARKT — IVAN VLADISLAVIC

De dierentuin bleek een nog grotere beproeving dan ik al vreesde.
We gingen ’s avonds. De directie had speciale avondrondleidingen georganiseerd om de bezoekers gelegenheid te geven kennis te nemen van het doen en laten van de nachtdieren. Steek meer op over hyena’s, vleermuizen, civetkatten en uilen, meldde de folder. Neem uw eigen zaklantaarn mee. Rondneuzen in de schuilplaatsen van onschuldige dieren? Mij bekoorde dat nauwelijks en ik overwoog weg te blijven. Maar toen stelde ik mij Merle voor omringd door beesten als Wessels en Bogey.
Zoals te verwachten bleek de Mazda een ouwe brik. Op de achterbumper zat een sticker met de tekst: Niet naar mijn tieten kijken. Ik had dergelijke obsceniteiten al eerder gezien op de voorkant van een T-shirt van een straatmeid. Hoe smakeloos ook, de achterliggende logica was duidelijk: ze gaf geilbakken als Wessels een excuus zich te vergapen aan de borsten in kwestie. Maar waarom je zoiets op een auto zou plakken ontging me geheel en al.
Bogey was een allesbehalve vaardig chauffeur. En om de zaak nog erger te maken had hij ook nog een van zijn vrienden meegenomen, een engerd genaamd Zbignieuw. Merle moest voorin zitten, naast de bestuurder die zelf plaatsnam op een exemplaar van de Reader’s Digest Book of the Car.
1.

 
DE RUSTELOZE SUPERMARKT — IVAN VLADISLAVIC

Hierdoor moesten Wessels, Zbignieuw en ik opeengepropt achterin zitten waar ook al de nodige lege flessen en vuile was een plek hadden gekregen. Ik weigerde tot moes te worden geplet. Uiteindelijk perste eerst Zbignieuw zich naar binnen en vervolgens Wessels en ik. Ik had het geluk achter de chauffeur te zitten waar ik de achterkant van Bogeys hoofd kon ruiken, dat het aroma had van een zondags braadstuk. En zoals ik al had gevreesd droeg hij een leren jack. Het was zeker dat hij de dieren er razend mee zou maken.
Het begin van de tocht was vermoeiend maar ongevaarlijk. We zochten een plaatsje op een oplegger, samen met de andere betalende deelnemers – ongeveer twintig mensen, voornamelijk moeders, vaders en kinderen – en een tractor trok ons van kooi naar kooi. Degenen die het advies hadden opgevolgd een zaklamp mee te nemen waren in staat de nachtdieren uit hun sluimering te wekken (vanzelfsprekend moesten ze wel onnatuurlijk gedrag vertonen) door ze met de lampen te beschijnen, terwijl onze gids, een nasaal klinkende vrouw in safarikleding, ons voorzag van allerhande weetjes over hun gedrag en natuurlijke leefomgeving. Ik hield me bezig met het proeflezen van de kleine bordjes op de kooien en probeerde te doen of ik me vermaakte.
2.

 
DE RUSTELOZE SUPERMARKT — IVAN VLADISLAVIC

Ik wilde ze geen reden geven mij verstokt te noemen.
Toen we de uilen hadden bekeken, een attractie die eigenlijk het einde van de tocht had moeten betekenen, kondigde onze gids aan dat ons nog iets speciaals wachtte. Opgewonden fluisterend werden we naar een kooi tussen een groepje bomen gereden in een afgelegen hoek van de dierentuin en de gids moedigde ons aan goed te kijken naar het wezen dat er huisde. Het moest iets zeer gevaarlijks zijn, te oordelen naar de dikte van de tralies en de gracht en het hek die ons op afstand hielden.
Dunne lichtstralen priemden door de tralies heen. Wat was dat? Een tafel met stoelen! Er trok een huivering door het gezelschap. Een televisie? Een schilderij dat in het luchtledige leek te hangen. Een ketel. De stralen van de zaklampen sprongen van object naar object, hielden halt bij een bed in een hoek van de kooi waar iets onder de dekens lag te slapen. Na een tijdje werden de dekens afgeworpen en verscheen er een gezicht. Iedereen werd zenuwachtig.
Ik richtte mijn aandacht op het bord: ‘Homo Sapiens. Zoogdier. Karakteristiek mannetje (1,75 m, 76 kg). Omnivoor, omnipotent, omnipresent. Jaagt op lichtzinnige wijze, ook op soortgenoten. Wordt beschouwd als het gevaarlijkste en meest destructieve dier.
3.

 
DE RUSTELOZE SUPERMARKT — IVAN VLADISLAVIC

..’ Lichtzinnig. Heel juist.
De man in de kooi ging rechtop op de rand van het bed zitten en staarde naar ons met een uitdrukking waaruit een mengeling van achterdocht, agressiviteit en verveling sprak. Ik herkende die uitdrukking: het was dezelfde blik die we de afgelopen uren bij de andere dieren hadden gezien. Heel knap vertolkt. Hij moest een acteur zijn.
Opeens verloor hij zijn interesse voor ons en stond op. Hij droeg goddank een onderbroek. De leden van onze groep, Merle niet uitgezonderd, keken gefascineerd toe, porden elkaar in de zij en loerden naar de man als schoolkinderen die het systeem van de voortplanting wordt bijgebracht. De man liep naar de andere kant van de kooi en opende de deur van een koelkast. Er viel een griezelig licht op zijn lichaam. Onze gids leek de straal van haar zaklamp opzettelijk op zijn bekken gericht te houden.
Het menselijk dier – de term die we van de gids moesten gebruiken wanneer we onze vragen stelden – haalde een fles uit de koelkast, sloeg de deur dicht en ging in een stoel zitten. Hij deed een lamp aan, pakte een afstandsbediening en drukte op een knop. De televisie in een andere hoek van de kooi kwam tot leven. Hij staarde naar het scherm en dronk uit de fles.
4.

 
DE RUSTELOZE SUPERMARKT — IVAN VLADISLAVIC


Terwijl de anderen grappige vragen stelden – wat eet het? waar ontlast het zichzelf? kan het praten? – had ik gelegenheid mijn eigen gevoelens te onderzoeken. Ik voelde me – wat zou de lading dekken – bedreigd? Nee, dat deed te veel denken aan een ‘bedreigde diersoort’. Zeker niet uitsluitend gekrenkt. Ik voelde – ik moest ophouden met beven – dat we in levensgevaar verkeerden. We stonden op het punt uit te sterven, besefte ik, en dat feit leek huiveringwekkend expliciet. Maar wat bedoelde ik werkelijk? Wie waren ‘wij’? De mensheid? De verstandige en fatsoenlijke lieden? Het uitschot van Café Europa? Was het een koninklijk ‘wij’?
Dit was nauwelijks de plek noch het moment om dergelijke vragen te overwegen; als je er goed over nadacht was de wetenschappelijke benadering, zoals dat altijd gebeurt wanneer de verkeerde geesten zich ermee gaan bemoeien, op een aanfluiting uitgelopen. De minachting die het menselijk dier voor ons tentoonspreidde, het gebrek aan een wederzijdse interesse die onze eigen ziekelijke nieuwsgierigheid kon compenseren, was uitermate provocerend. Uiteraard was Wessels, die nooit blijk van veel zelfbeheersing had gegeven, een van de eersten die zich getergd voelde – ofschoon Merle me naderhand verzekerde dat hetgeen volgde niet geheel aan hem te wijten was.
5.

 
DE RUSTELOZE SUPERMARKT — IVAN VLADISLAVIC

Ze zei dat een kind een steentje naar het dier had gegooid om zijn aandacht te trekken. Hij negeerde ons. Er werd een kleine lawine van twijgen en snoepjes over hem uitgestort. Een muntstuk raakte hem tegen de schouder, maar hij bleef uitdrukkingsloos voor zich uit kijken.
Het was Wessels die een sigarettenpeuk door de tralies gooide. De reactie was explosief. De man sprong op, zwaaide met een knuppel die achter de stoel had gelegen en smeet het ding in onze richting. Het raakte met zo’n geweldige dreun de tralies dat we angstig achteruitdeinsden. Eén enkele metaalachtige toon weerklonk in de avond. Ik wenste dat mevrouw Bonsma erbij was geweest om precies die toon te registreren. Het enige wat ik kan zeggen is dat hij diep en luid was en dat er een hevige razernij in besloten lag.
De toon stierf weg, calando, in een overrompelende stilte.
Toen klonk er uit alle kooien in de omgeving opgewonden gekrijs en gekras. Tegelijkertijd begon een van de kinderen van onze groep te jammeren, misschien wel het kind dat alles in gang had gezet, waardoor de volwassenen moesten lachen. Merle giechelde, Bogey en Zbignieuw krijsten als apen. Ik aarzel te zeggen dat alleen ik door schaamte werd bevangen terwijl de kakofonie van gegrom en gegil zich tussen de bomen verplaatste.
6.

 
DE RUSTELOZE SUPERMARKT — IVAN VLADISLAVIC

De man in de kooi zette de televisie uit, knipte het licht uit en ging weer naar bed.
7.


     
The Ledge
Redactie: Stacey Knecht, info@the-ledge.com
Dank aan: De digitale pioniers en
Het Prins Bernhard Cultuurfonds
Ontwerp: Maurits de Bruijn

Copyright: Pieter Steinz, Stacey Knecht
Reproduktie en/of hergebruik uitsluitend in overeenstemming met de auteurs.