| the ledge files the ledge - nl - uk |
nieuw zoeken |
gesprekken boeken |
Ohio Impromptu Samuel Beckett 1981
|
samenvatting: Eenakter voor aan tafel gezeten, identiek geklede - lange zwarte mantel, breedgerande hoed - voorlezer en toehoorder, die de voorlezing (een 'sad tale') onderbreekt en weer in gang zet met een klop op de tafel. Becketts ode aan zijn vriendschap met Joyce in de jaren dertig. |
| schema | ||
| HET OEUVRE VAN SAMUEL BECKETT: Naamloos 1953 Deel III uit de Trilogie. Een man zonder identiteit probeert uit te vinden wie hij is. | ||
| Watt Written circa 1943, published 1953 –› Boekfragment Watt vertelt het verhaal van Watt: een verwarde, in zichzelf gekeerde man die na een korte treinreis als huisknecht in dienst treedt bij de mysterieuze meneer Knott. | ||
| Malone sterft 1951 Deel II uit de Trilogie. Een man doet verslag - steeds minder samenhangend - van zijn sterfbed. | ||
| Molloy 1947 (published in 1951) Deel I van Becketts romantrilogie over de vervreemding van individuen van hun omgeving: een oude, geestelijk beperkte man vult zijn laatste jaren met praten over de futiele dingen die hij doet. | ||
| Hoeroscoop 1930 Becketts gedicht met als thema 'de tijd', geschreven n.a.v. een prijsvraag uitgeschreven door Nancy Cunards Hours Press (Parijs). Hoofdrol weggelegd voor Rene Descartes. Obscuur-filosofische poëzie alsmede een parodie (inclusief onnavolgbare noten) op Eliots The Waste Land. | ||
| [More Pricks Than Kicks] 1934 Verzameling korte verhalen spelend in Dublin in de jaren 20, met in de hoofdrol de student Belacqua. | ||
| [That Time] 1976 Oude man overziet (vanaf zijn sterfbed?) zijn leven, zijn herinneringen uit drie perioden van zijn leven worden hem door drie stemmen ingefluisterd. | ||
| Murphy 1938 Fragmentarische beschrijving van een levensperiode van een flegmatische, filosofisch aangelegde man, uitmondend in diens dood. | ||
| Droom van matig tot mooie vrouwen 1932 (first published in 1992) Een indolente man streeft een soort mystieke onaandoenlijkheid na: rust, stilte en los zijn van begeerte. Maar de vrouwen met wie hij vriendschappen aangaat belagen hem met erotische verlangens. | ||
| Wachten op Godot 1952 Toneelstuk over twee aan lager wal geraakte heren die vergeefs uitzien naar de inlossing van hun verwachtingen. | ||
| Krapp's laatste band 1959 Toneelstuk. Een oude man overziet zijn leven terwijl hij luistert naar bandopnames die hij dertig jaar geleden van zichzelf maakte. | ||
| Hoe het is 1961 Prozatekst die in korte, interpunctieloze alinea's de monoloog van een personage op weg door de modder naar zijn onafwendbare einde vertolkt. | ||
| Eindspel 1957 Eenakter voor vier volstrekt aan elkaar overgeleverde personages: de aan zijn rolstoel gekluisterde Hamm, zijn lamme knecht Clov en zijn ouders Nagg en Nell, die in vuilnisbakken wonen. De buitenwereld is (de) dood. | ||
| Gelukkige dagen 1961 Tweeakter. Een tot haar middel en in het tweede bedrijf tot haar nek ingegraven vrouw en haar onzichtbare echtgenoot overzien de 'gelukkige tijd' die ze met elkaar hadden. | ||
| [Not I] 1973 Eenakter met in de hoofdrol een sprekende vrouwenmond - het enige op het toneel uitgelichte element. Zoals een criticus schreef: 'Als Molly Bloom de bevestiging van het leven en de bekrachtiging van de vrouwelijke identiteit is, dan is Not I het tegenovergestelde.' | ||
| [Ohio Impromptu] 1981 Eenakter voor aan tafel gezeten, identiek geklede - lange zwarte mantel, breedgerande hoed - voorlezer en toehoorder, die de voorlezing (een 'sad tale') onderbreekt en weer in gang zet met een klop op de tafel. Becketts ode aan zijn vriendschap met Joyce in de jaren dertig. | ||
| Slecht gezien, slecht gezegd 1981 Novelle. De schrijver neemt de lezer bij de hand en samen observeren ze nauwgezet een oude vrouw bij haar krot in een kaal landschap. Deze observaties zijn zo gedetailleerd verwoord dat de lezer er niet in zal slagen grip te krijgen op het geheel. | ||
| Gezelschap 1980 Mijmeringen van iemand die naar gezelschap zoekt en daartoe zich van alles inbeeldt om 'samen' te kunnen zijn. | ||
| Ten slechtste gekeerd 1983 Over de pijn van het menselijk tekort. | ||
| Verroeren 1988 Tekst over een oude man die zich in het zicht van de dood afvraagt of het nog zin heeft in beweging te komen. | ||
| : |
||
| The Ledge Redactie: Stacey Knecht, info@the-ledge.com Dank aan: De digitale pioniers en Het Prins Bernhard Cultuurfonds Ontwerp: Maurits de Bruijn |
Copyright: Pieter Steinz, Stacey Knecht Reproduktie en/of hergebruik uitsluitend in overeenstemming met de auteurs. |
|